ECLI:NL:CRVB:2011:BQ0114
Centrale Raad van Beroep · 31-03-2011 · zaaknummer 10-3848 WMO-V
Inhoudsindicatie
Verzet gegrond. Met verwijzing naar zijn uitspraak van 14 juli 2009, LJN BJ3193, overweegt de Raad dat appellant aan de brief van de griffier van de Raad van 6 september 2010, waarbij de brief van 13 augustus 2010 opnieuw is verzonden, heeft mogen afleiden dat de termijn voor de betaling van het griffierecht was aangevangen op 7 september 2010. Het verzoek van appellant om een betalingsregeling te treffen is gedaan bij brief van 11 september 2010 en daarmee - wel - tijdig. Appellant zal in de gelegenheid worden gesteld het verschuldigde griffierecht binnen acht weken te voldoen. De daartoe strekkende brief van de griffier van de Raad zal tegelijkertijd zowel aangetekend als niet-aangetekend worden verzonden.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
