ECLI:NL:CRVB:2010:BO7603
Centrale Raad van Beroep · 25-11-2010 · zaaknummer 09-6787 WUV
Inhoudsindicatie
Appellant, geboren [in] 1944 in het voormalige Nederlands-Indië, heeft in december 2008 onder meer een periodieke uitkering op grond van de Wuv aange-vraagd. Verweerster heeft vastgesteld dat appellant zelf geen vervolging in de zin van de Wuv heeft ondergaan. Verweerster heeft onderzocht of er aanleiding kan zijn om appellant met toepassing van artikel 3, tweede lid, van de Wuv gelijk te stellen met de vervolgde in verband met het overlijden van zijn vader op 27 december 1944 in kamp Bangkong te Semarang. Bij besluit van 23 juli 2009 heeft verweerster het standpunt ingenomen dat de psychische klachten van appellant redelijkerwijs niet zijn toe te schrijven aan het overlijden van zijn vader. Dat oordeel heeft verweerster gehandhaafd in het bestreden besluit. De Raad volgt verweersters standpunt dat er sprake is van een indirect verband, omdat appellants huidige psychische klachten vooral zijn veroorzaakt door de omstandigheden waarin hij na het overlijden van zijn vader heeft moeten opgroeien. Het bestreden besluit kan daarom stand houden.
Advocaten
- J.C.M. van Berkel
- T.R.A. Dircke
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
