Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2010:BO4339

Centrale Raad van Beroep · 16-11-2010 · zaaknummer 09-2477 WWB

Bestuursrecht; Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Opschorting en intrekking en terugvordering bijstandsuitkering. Op de grond dat appellant onvoldoende inlichtingen heeft verstrekt waardoor het recht op bijstand niet langer kan worden vastgesteld. Afwijzing aanvraag om een bijstandsuitkering op de grond dat het vermogen van appellant hoger is dan de voor hem geldende grens van het vrij te laten vermogen. Toekenning algemene bijstand met ingang van 20 december 2007. De Raad stelt vast dat het College over de periodes van 1 juli 2005 tot en met 1 augustus 2005, 14 februari 2006 tot en met 20 februari 2006 en van 8 maart 2006 tot en met 14 maart 2006 reeds besluiten heeft genomen die in rechte onaantastbaar zijn geworden. De aanvraag van appellant van 20 december 2007 dient over deze periodes dan ook te worden aangemerkt als een verzoek aan het College om terug te komen van zijn eerdere besluiten tot intrekking van bijstand danwel afwijzingen van aanvragen om bijstand. De Raad is van oordeel dat niet gebleken is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van de Awb op grond waarvan het College aanleiding had moeten zien om van zijn eerdere besluiten terug te komen. Ten aanzien van het beroep van appellant op de genoemde uitspraak van de Raad van 3 juni 2008 is de Raad van oordeel dat de inhoud van inmiddels tot stand gekomen rechtspraak op zichzelf geen nieuw gebleken feit of veranderde omstandigheid betreft als bedoeld in artikel 4:6, eerste lid, van de Awb. Ten aanzien van de periodes van 2 augustus 2005 tot en met 13 februari 2006, 21 februari 2006 tot en met 7 maart 2006 en van 15 maart 2006 tot en met 19 december 2007, dient de aanvraag van 20 december 2007 te worden aangemerkt als een aanvraag om bijstand met terugwerkende kracht. De Raad is van oordeel dat niet is gebleken dat appellant buiten staat was om voor deze periodes eerder dan 20 december 2007 bijstand aan te vragen, zodat de Raad geen bijzondere omstandigheden als hiervoor bedoeld aanwezig acht. De uitspraak van de Raad van 3 juni 2008 kan niet worden aangemerkt als een bijzondere omstandigheid om bijstandsverlening met terugwerkende kracht te rechtvaardigen, reeds omdat de in die uitspraak genoemde situatie een andere situatie betreft dan onderhavige.

Advocaten

Partijen

  • [appellant]

    appellant · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.