ECLI:NL:CRVB:2010:BL9744
Centrale Raad van Beroep · 30-03-2010 · zaaknummer 08-4313 WWB
Inhoudsindicatie
Langdurigheidstoeslag. De bruto-uitkering ingevolge de WAJONG van appellante bedroeg 75% van het minimumloon. Aangezien appellante in de referteperiode geen ander (...) inkomen heeft ontvangen, was zij aangewezen op een inkomen op minimum niveau. Gelet op de bedoeling van de wetgever vormt de hoogte van het inkomen van appellante in de referteperiode dan ook geen beletsel voor toekenning van de langdurigheidstoeslag. Dat het netto-inkomen van appellante in bepaalde maanden binnen de referteperiode - kennelijk uitsluitend als gevolg van belastingheffing en/of vakantietoeslag - enkele eurocenten of enkele euro’s hoger uitviel dan de in die periode voor appellante van toepassing zijnde bijstandsnorm vermeerderd met de toeslag, leidt niet tot een ander oordeel. Wettelijke rente.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
