ECLI:NL:CRVB:2010:BL9286
Centrale Raad van Beroep · 26-03-2010 · zaaknummer 08-7159 WIA
Inhoudsindicatie
Weigering WIA-uitkering toe te kennen op de grond dat appellant reeds bij de aanvang van zijn verzekering op 1 oktober 2003 volledig arbeidsongeschikt was. Voor toepassing van de uitsluitingsgrond van artikel 43, aanhef en onder c, van de Wet WIA dienen, zoals de Raad al eerder heeft overwogen (bij voorbeeld in de uitspraak van de Raad van 28 januari 2009, LJN BH2844), de omstandigheden van het geval voldoende en ondubbelzinnige indicaties te geven voor het bestaan van een reële arbeidsongeschiktheid, in dit geval op 1 oktober 2003. Naar het oordeel van de Raad kan overigens uit het totaal van de beschikbare gegevens niet met voldoende zekerheid worden afgeleid dat er voor appellant op 1 oktober 2003 op grond van ziekte of gebrek zodanige beperkingen met betrekking tot het verrichten van arbeid als bedoeld in de artikelen 46, eerste lid, van de Wet WIA bestonden, dat hij per deze datum reeds als volledig arbeidsongeschikt in de zin van deze bepaling moet worden beschouwd. Van de zijde van de gemachtigde van het Uwv is ter zitting erkend dat medische stukken waarop de bezwaarverzekeringsarts zich heeft gebaseerd zich niet onder de gedingstukken bevinden. Het bestreden besluit, waarbij de arbeidsongeschiktheid van appellant op 15 oktober 2007 buiten aanmerking is gelaten, kan wegens een onvoldoende draagkrachtige motivering geen stand houden.
Advocaten
- A. Ouazizi
- K.M. van Wijngaarden
- S. Ben Ahmed
- W.L.J. Weltevrede
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
