ECLI:NL:CRVB:2010:BL5455
Centrale Raad van Beroep · 23-02-2010 · zaaknummer 08-2903 WWB
Inhoudsindicatie
De Raad, is anders dan de rechtbank, van oordeel dat de verklaring van appellant onvoldoende aanknopingspunten bevat die het oordeel van de rechtbank over de onduidelijkheid van de woonsituatie van appellant ten tijde in geding kunnen rechtvaardigen. Verder was bekend dat appellant geen vast adres had, in die zin dat hij tijdelijk op het adres van zijn ouders verbleef. Van verdere concrete feiten die de twijfel van het College omtrent de woonsituatie van appellant kunnen rechtvaardigen is niet gebleken. De Raad wijst er op dat van de kant van het College ter zitting van de Raad is bevestigd dat de bevindingen van het huisbezoek en de verklaringen van de getuigen niet aan het standpunt van het College ten grondslag liggen. Dit betekent dat de verklaring onvoldoende grondslag biedt voor de conclusie dat appellant de op hem rustende inlichtingverplichting heeft geschonden waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. Vernietiging uitspraak. Nieuw besluit op bezwaar.
Rechters
Advocaten
- D.A. Ah
- H. Beekelaar
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
