ECLI:NL:CRVB:2010:BK9690
Centrale Raad van Beroep · 07-01-2010 · zaaknummer 08-1736 AW
Inhoudsindicatie
Verlening eervol ontslag verleend op grond van artikel 98, eerste lid, aanhef en onder g, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR), wegens ongeschiktheid voor de uitoefening van zijn functie anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken. Bij besluit van 12 december 2005 is dit besluit ingetrokken omdat het was genomen door een niet bevoegde functionaris. Namens de minister heeft de wel bevoegde functionaris besloten tot hetzelfde ontslag per 1 januari 2006. Bij besluit van 27 april 2006 heeft de minister om procedurele redenen de vastgestelde beoordeling van 28 september 2005 herroepen en de beoordeling vervallen verklaard. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit de diverse gespreksverslagen dat appellant niet voldeed aan de eisen die blijkens het functieprofiel beleidsmedewerker Vd, schaal 13, aan het functioneren van appellant werden gesteld. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat deze verslagen een onjuiste weergave zouden behelzen van hetgeen in de betreffende gesprekken aan de orde is geweest. De Raad volgt appellant niet in zijn standpunt dat sprake is geweest van een onzorgvuldige procedure bij de rechtbank, doordat de minister ter zitting nadere stukken heeft overgelegd, waardoor hij ernstig in zijn processuele belangen is geschaad. Blijkens het proces-verbaal van de zitting heeft de minister op verzoek van de rechtbank ter zitting een functieschets en de vacaturetekst van de functie van beleidsmedewerker, zoals appellant die functie vanaf 1 juli 2002 vervulde, overgelegd alsmede een overzicht van verschillen in de functie vóór en ná het plaatsingsproces in 2002. Nu het hier informatie betreft waarmee appellant bekend was en hij de gelegenheid heeft gekregen deze stukken met zijn raadsman te bespreken en daarop te reageren, ziet de Raad niet dat appellant door het overleggen van die stukken ter zitting in zijn processuele belangen is geschaad. Gelet op het vorenoverwogene moet de aangevallen uitspraak worden bevestigd. Het verzoek van appellant om vergoeding van de door hem geleden en nog te lijden schade zal de Raad afwijzen.
Advocaten
- D.L.M. Slangen
- J. Jaab
- S.J. Hauser
- W.B.M. Rensink
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
