ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5271
Centrale Raad van Beroep · 11-08-2009 · zaaknummer 09-46 WWB
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering omdat appellante door geen melding te maken van het feit dat zij geld heeft overgemaakt naar de Nederlandse Antillen de inlichtingenverplichting heeft geschonden waardoor het recht op bijstand niet meer kan worden vastgesteld over de maanden waarin één of meer transacties hebben plaatsgevonden. De Raad is van oordeel dat het MOT-project (Meldpunt Ongebruikelijke Transacties) een passend en noodzakelijk middel is om het beoogde doel, bestrijding van uitkeringsfraude, te bereiken. Dit leidt de Raad tot het oordeel dat, indien en voor zover er met betrekking tot het MOT-project al sprake zou zijn van een indirect onderscheid tussen Antillianen en niet-Antillianen, daarvoor een objectieve rechtvaardigingsgrond aanwezig is. Gelet op het aantal transacties en de daarmee gemoeide bedragen is de Raad van oordeel dat sprake is van op geld waardeerbare arbeid. Het moet appellante redelijkerwijs duidelijk zijn geweest dat deze activiteiten van invloed konden zijn op haar recht op bijstand. Schending inlichtingen verplichting. Geen bijzondere omstandigheden om af te zien van terugvordering.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
