ECLI:NL:RVS:2026:5920
Raad van State · 07-10-2026 · zaaknummer 202502457/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 30 maart 2022 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] wegens fysieke schade aan zijn boerderij een vergoeding van € 18.003,46, inclusief een vergoeding van € 845,00 voor bijkomende kosten en € 448,08 aan wettelijke rente, toegekend. Deze uitspraak gaat over de vraag of het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard wegens termijnoverschrijding. Tussen partijen staat vast dat het besluit van 30 maart 2022 op diezelfde dag aan [appellant] is verzonden. Verder is niet in geschil dat de termijn voor het maken van bezwaar op grond van de artikelen 6:7 en 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht (de Awb) is geëindigd op 11 mei 2022. Uit het besluit van 2 april 2024 volgt dat het Instituut in de praktijk een ruimere termijn van twaalf weken hanteert. Het Instituut heeft het bezwaarschrift, dat is gedateerd op 22 april 2022, op 8 maart 2023 voor ontvangst ingeboekt.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
