ECLI:NL:RVS:2026:5313
Raad van State · 09-09-2026 · zaaknummer 202407414/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan [appellante] een last onder dwangsom opgelegd wegens onzelfstandige bewoning zonder dat daarvoor een vergunning is verleend. [appellante] is eigenaar en verhuurder van de woning aan de [locatie] in Den Haag. Inspecteurs van de Haagse Pandbrigade hebben op 16 mei 2022 geconstateerd dat in de woning vijf personen wonen die geen duurzaam, gemeenschappelijk huishouden vormen. De inspecteurs hebben geconcludeerd dat de woonruimte zonder vergunning is omgezet van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte. Bij besluit van 24 mei 2022 heeft het college aan [appellante], wegens overtreding van artikel 21, eerste lid, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014, een last onder dwangsom opgelegd om deze overtreding te beëindigen en beëindigd te houden per 5 juli 2022. Bij een nadere controle op 7 juni 2022 is geconstateerd dat de woning leeg is, maar bij een hercontrole op 22 september 2022 is geconstateerd dat zeven personen in de woning wonen. Het college heeft daarom bij besluit van 29 november 2022 op grond van artikel 5:37 van de Algemene wet bestuursrecht de dwangsom van € 5.000,00 ingevorderd. Het college heeft daarnaast bij besluit van 19 oktober 2022 een bestuurlijke boete van € 10.000,00 opgelegd wegens onzelfstandige bewoning zonder dat daarvoor een vergunning is verleend.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
