ECLI:NL:RVS:2026:5161
Raad van State · 02-09-2026 · zaaknummer 202502672/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 28 juli 2022 heeft de minister van Financiën, voor zover hier van belang, het verzoek van [wederpartij] op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) om wissing van zijn persoonsgegevens uit de Fraude Signalering Voorziening (FSV), niet ingewilligd. Bij brief van 3 maart 2022 heeft [wederpartij] verzocht om, voor zover hier van belang, wissing van zijn persoonsgegevens in de FSV. Bij besluit van 28 juli 2022 heeft de minister dat verzoek niet ingewilligd. Het daartegen gemaakte bezwaar heeft de minister bij besluit van 28 maart 2023 ongegrond verklaard. De rechtbank heeft geoordeeld dat de minister het verzoek om wissing had moeten inwilligen. Volgens de rechtbank valt wat de minister aan zijn besluit ten grondslag heeft gelegd niet onder een van de uitzonderingsgronden van artikel 17, derde lid, van de AVG.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
