ECLI:NL:RVS:2026:3812
Raad van State · 01-07-2026 · zaaknummer 202500252/1/V1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 11 oktober 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkenen om hun een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Betrokkenen zijn een vader en moeder en hun drie kinderen met de Armeense nationaliteit. De hoofdpersoon en haar zusje zijn geboren op [geboortedatum] 2003 en [geboortedatum] 2004 in Armenië. In 2014 zijn zij samen met hun ouders naar Nederland gekomen. In Nederland is op 4 april 2018 hun broertje geboren. In 2014, 2016 en 2017 hebben betrokkenen asielaanvragen ingediend die niet hebben geleid tot de door hen beoogde verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft de vader van 9 september 2015 tot 30 oktober 2015 uitstel van vertrek verleend krachtens artikel 64 van de Vw 2000. In 2016 en 2018 heeft de vader opvolgende aanvragen ingediend voor uitstel van vertrek die niet hebben geleid tot dat door hem beoogde uitstel. De moeder heeft in 2015 tevergeefs verzocht om uitstel van vertrek.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
