ECLI:NL:RVS:2026:2901
Raad van State · 20-05-2026 · zaaknummer 202304274/1/R2 en 202401998/3/R2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 december 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant het verzoek van Milieuvereniging Land van Cuijk om handhavend op te treden tegen het houden van dieren zonder een vereiste natuurvergunning door [appellante sub 1] aan de [locatie] in Velp afgewezen. In deze procedure gaat het om een verzoek om handhavend op te treden tegen het houden van melkkoeien en jongvee door [appellante sub 1], omdat hij volgens de milieuvereniging de vergunningplicht in de Wnb overtreedt (artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb). [appellante sub 1] is namelijk van plan om op een plek waar een veehouderij heeft gezeten, opnieuw een veehouderij te beginnen en melkkoeien en jongvee te houden. [appellante sub 1] noemt dit een ‘herstart’. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college ten onrechte geen overtreding heeft geconstateerd, omdat voor het houden van melkkoeien en jongvee een natuurvergunning is vereist waarover [appellante sub 1] niet beschikt. De rechtbank heeft daarbij overwogen dat de rechtsvoorganger van [appellante sub 1] de bedrijfssituatie heeft gewijzigd en dat [appellante sub 1] daarom het bedrijf niet terug kan wijzigen zonder een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer en er dus ook een natuurvergunning nodig is.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
