ECLI:NL:RVS:2026:1691
Raad van State · 25-03-2026 · zaaknummer 202502121/1/V6
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 3 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellant] heeft de Tunesische nationaliteit. De minister van Asiel en Migratie heeft hem met ingang van 25 mei 2017 in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij zijn partner. Bij besluit van 29 juni 2021 heeft de minister van Asiel en Migratie deze verblijfsvergunning met terugwerkende kracht ingetrokken vanaf 21 december 2020, de datum waarop het verzoekschrift tot echtscheiding is opgesteld en [appellant] niet meer aan de voorwaarden voor de verblijfsvergunning voldeed. In hetzelfde besluit heeft de minister van Asiel en Migratie een verzoek van [appellant] tot wijziging van de beperking naar verblijf bij zijn kind afgewezen. De minister van Asiel en Migratie heeft het bezwaar van [appellant] tegen dit besluit op 6 mei 2022 gegrond verklaard en heeft in hetzelfde besluit op bezwaar met terugwerkende kracht vanaf 11 april 2022 hem de gevraagde wijziging verleend.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
