ECLI:NL:RBNHO:2026:11222
Rechtbank Noord-Holland · 19-08-2026 · zaaknummer C/15/361845
Inhoudsindicatie
Erfrecht. Wettelijke verdeling. Vaststelling vordering zoon uit eerste huwelijk op langstlevende tweede vrouw van erflater. De rechtbank oordeelt dat in dit specifieke geval de aangifte erfbelasting een juiste weergave is van de omvang van de nalatenschap van erflater, omdat de nalatenschap vrijwel uitsluitend bestaat uit banktegoeden waarbij waardering geen rol speelt. De vordering van de zoon is opeisbaar, omdat stiefmoeder in een verzorgingshuis is opgenomen. Als gevolg van schenkingen van de langstlevende aan haar kinderen uit haar eerste huwelijk is er onvoldoende vermogen om de vordering van de zoon te voldoen. De gevorderde vernietiging van de schenkingen op grond van de Pauliana (3:45 BW) slaagt deels. Geen wetenschap van benadeling wat betreft de schenkingen die zijn in de periode waarin de langstlevende nog over (ruim) voldoende vermogen beschikte om de vordering van de zoon van erflater te kunnen voldoen.
Rechters
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
