ECLI:NL:RBNHO:2019:1865
Rechtbank Noord-Holland · 21-02-2019 · zaaknummer C/15/251009/FA RK 16-6680 en C/15/256547/FA RK 17-1588
Inhoudsindicatie
Pensioenverweer kan slechts betrekking hebben op een verminderd vooruitzicht op (pensioen)uitkeringen bij vooroverlijden van de partij die de echtscheiding verzoekt, dus op nabestaandenpensioen. Artikel 1: 153 lid 1 BW dateert van voor de invoering van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, ten gevolge van deze wet ontstaat vaak een toereikende voorziening. De bepaling - zo blijkt uit de wetsgeschiedenis, de jurisprudentie en de doctrine - ziet uitdrukkelijk niet op spaargelden en onroerende zaken en is niet bedoeld voor een voorziening als ouderdomspensioen. Voor zover de vrouw stelt dat zij recht heeft op een aandeel in het vermogen dat / de bedrijfswinst die door de man kan worden aangewend als pensioen en inkomen, kan dit bij de verdeling aan de orde komen, maar kan zulks niet leiden tot een geslaagd pensioenverweer.
Rechters
Advocaten
- mr. A. de Visser
- mr. P.H. Visser
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
