ECLI:NL:RBDHA:2026:8145
Rechtbank Den Haag · 25-02-2026 · zaaknummer C/09/688836
Inhoudsindicatie
[eiseres] en [gedaagde] waren van 1982 tot 2022 met elkaar getrouwd in gemeenschap van goederen. Zij zijn in 2022 uit elkaar gegaan en hebben toen afspraken gemaakt over de verdeling van hun vermogen. Die afspraken hebben zij opgenomen in een echtscheidingsconvenant. Het gaat in deze zaak om de vraag of [eiseres] en [gedaagde] zijn gebonden aan die afspraken. [eiseres] vindt dat zij in 2022 onvoldoende informatie had, dat [gedaagde] niet eerlijk is geweest, dat [gedaagde] hierdoor te veel heeft gekregen en dat hij [eiseres] daarom nu alsnog nog geld moet betalen. De rechtbank is het daar niet mee eens en wijst de vorderingen van [eiseres] af.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
