ECLI:NL:RBDHA:2026:30176
Rechtbank Den Haag · 13-10-2026 · zaaknummer NL26.58359
Inhoudsindicatie
Kennisgeving artikel 6, derde lid, van de Vw. De rechtbank is van oordeel dat het besluit onzorgvuldig tot stand is gekomen. In het proces-verbaal van gehoor is opgenomen dat om 9:50 uur, meteen bij aanvang van het gehoor, aan eiser wordt medegedeeld dat aan hem een vrijheidsontnemende maatregel wordt opgelegd en dat eiser gedurende de behandeling van zijn aanvraag wordt ingesloten in een vreemdelingendetentiecentrum. De beslissing tot oplegging van de maatregel is dus genomen, terwijl het gehoor waarin eiser zijn persoonlijke omstandigheden en bezwaren tegen de grensdetentie naar voren kan brengen, nog moest plaatsvinden. Niet is gebleken dat eiser voorafgaand aan deze mededeling al gehoord was over zijn persoonlijke omstandigheden die van belang kunnen zijn voor de beoordeling of de grensdetentie voor hem onevenredig bezwarend is. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
- mr. B.H. Wezeman
- mr. N.C. Blomjous
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
