ECLI:NL:RBDHA:2026:29671
Rechtbank Den Haag · 08-10-2026 · zaaknummer NL26.19875
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 08-10-2026
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de minister de aanvraag van eiser ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard, omdat de minister zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat geen sprake is van nieuwe, relevante elementen of bevindingen. Het beroep van eiser is daarom gegrond.
Rechters
Advocaten
- mr. A.T. Bosman-Braam
- mr. D.A.M. Frieser
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
