ECLI:NL:RBAMS:2026:9513
Rechtbank Amsterdam · 23-09-2026 · zaaknummer 13/348304-25 (zaak A) en 13/159391-25 (zaak B)
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een forse mishandeling van zijn moeder, waardoor zij letsel heeft opgelopen. Daarnaast heeft verdachte een medewerkster van de zorginstelling waar hij voor zijn behandeling was opgenomen, mishandeld, waarbij ook zij letsel heeft opgelopen. De rechtbank is van oordeel dat het bewezenverklaarde in zaak A in verminderde mate aan verdachte dient te worden toegerekend. Het bewezenverklaarde in zaak B kan verdachte in het geheel niet worden toegerekend, waardoor verdachte in deze zaak zal worden ontslagen van alle rechtsvervolging. De rechtbank zal de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege aan verdachte opleggen. Een voorwaardelijk kader, zoals tbs met voorwaarden of een zorgmachtiging, blijken onvoldoende toereikend om het recidiverisico te beperken. Ook wordt aan verdachte een gevangenisstraf voor de duur van drie maanden met aftrek opgelegd.
Advocaten
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
