ECLI:NL:RBAMS:2026:9497
Rechtbank Amsterdam · 09-09-2026 · zaaknummer 13-188587-26
Inhoudsindicatie
Vervolgings-EAB uit Duitsland. Genoegzaamheid: met de feitsomschrijving van de feiten is naar het oordeel van de rechtbank voldoende duidelijk voor de opgeëiste persoon voor welke feiten zijn overlevering wordt gevraagd en wat zijn betrokkenheid daarbij zou zijn geweest. Daarbij komt dat sprake is van een vervolgings-EAB, waarbij de overlevering is gevraagd voor een nog lopend strafrechtelijk onderzoek. Het specialiteitsbeginsel is dan ook voldoende gewaarborgd. Artikel 13 OLW: de strafbare feiten zijn vermoedelijk gedeeltelijk buiten de uitvaardigende lidstaat gepleegd, maar het EAB vermeldt ook dat sprake is van meerdere slachtoffers in de uitvaardigende lidstaat. Hierdoor is geen sprake van een situatie als bedoeld in artikel 13, eerste lid, aanhef en onder b, OLW. Overlevering toegestaan.
Advocaten
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
