ECLI:NL:RBAMS:2026:9080
Rechtbank Amsterdam · 09-09-2026 · zaaknummer 13/042787-26
Inhoudsindicatie
De rechtbank spreekt de verdachte vrij van een poging tot een ontploffing teweegbrengen. Op basis van de feiten en omstandigheden uit het dossier kan de rechtbank niet vaststellen dat de verdachte gedragingen heeft verricht die naar haar uiterlijke verschijningsvorm moeten worden beschouwd als te zijn gericht op de voltooiing van een ontploffing. De verdachte heeft zich wel schuldig gemaakt aan het medeplegen van voorbereidingshandelingen voor het teweegbrengen van een ontploffing. De rechtbank legt een voorwaardelijke gevangenisstraf op van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar. Ook legt de rechtbank een taakstraf op van 240 uren. De vordering benadeelde partij wordt gedeeltelijk toegewezen. Het geestelijk letsel van de benadeelde kan ook aan de verdachte worden toegerekend op grond van 6:98 BW. De rechtbank wijst € 3.000,- aan vergoeding van immateriële schade toe en € 525,15 aan vergoeding van materiële schade toe.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
