ECLI:NL:PHR:2026:959
Parket bij de Hoge Raad · 06-10-2026 · zaaknummer 24/03666
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Art. 81 lid 1 RO. Het middel stelt de vraag aan de orde of een tijdens het incident gevoerd WhatsApp-gesprek, waarvan de uitingen afkomstig zijn van de aangeefster zelf, als steunbewijs in de zin van artikel 342 lid 2 Sv kan worden aangemerkt. Het middel faalt. Het hof kon aan het WhatsApp-gesprek betekenis toekennen als steunbewijs, mede gelet op het tijdstip en de spontane wijze waarop de uitingen zijn vastgelegd en in samenhang met de overige bewijsmiddelen, waaronder de reisbewegingen van de bestelbus en de waarnemingen van getuigen kort na het incident. Ambtshalve opmerking over de redelijke termijn in cassatie.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
