ECLI:NL:HR:2026:954
Hoge Raad · 23-06-2026 · zaaknummer 24/04414
Inhoudsindicatie
Voorhanden hebben van vuurwapens en munitie (art. 26.1 WWM) en aanwezig hebben van amfetamine en GHB (art. 2.C Opiumwet). Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.1.c Sv. Kan uit mededeling van niet gemachtigde raadsman worden afgeleid dat verdachte tevoren bekend was met dag van tz.? In art. 432.1.c Sv is bepaald dat cassatieberoep moet worden ingesteld binnen 14 dagen na einduitspraak als zich omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat dag van tz. of van nadere tz. verdachte tevoren bekend was. Volgens p-v van tz. in hoger beroep van 11-7-2024 heeft raadsman van verdachte daar medegedeeld dat hij verdachte dag voor die tz. heeft gesproken, dat verdachte groot belang heeft bij behandeling van zijn strafzaak, maar dat verdachte werkt als steigerbouwer en geen vrij kan krijgen van zijn werk. Daaruit moet worden afgeleid dat verdachte met dag van tz. van hof van 11-7-2024 tevoren bekend was. Daarom had o.g.v. art. 432.1.c Sv cassatieberoep moeten worden ingesteld binnen 14 dagen na einduitspraak van hof van 25-7-2024. Beroep is echter pas ingesteld op 4-12-2024. Dit brengt mee dat HR het cassatieberoep niet in behandeling kan nemen. Verdachte n-o.
Advocaten
- E.E.W.J. Maessen
- mr. J.M.H.J. Colen
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
