ECLI:NL:HR:2024:1807
Hoge Raad · 06-12-2024 · zaaknummer 22/03897
Inhoudsindicatie
Procesrecht. Internationale arbitrage. Vernietigingsprocedure en herroepingsprocedure, art. 1064 en 1065 Rv. Bilateraal investeringsverdrag Russische Federatie – Oekraïne (BIT 1998). Onteigening bezittingen op de Krim, schadevergoeding. Uitleg begrip ‘territory’ in BIT 1998, Weens Verdragenverdrag. Splitsing arbitrale procedure, vraag of investering is gedaan ‘in accordance with (…) legislation’ in zin BIT 1998, bevoegdheid scheidsgerecht, beoordeling in latere fase arbitrale procedure. Stelplicht en bewijslast ten aanzien van bestaan geldige arbitrageovereenkomst. Samenhang met ECLI:NL:HR:2024:1813, ECLI:NL:HR:2024:1812 en ECLI:NL:HR:2024:1810.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
