ECLI:NL:GHDHA:2026:2831
Gerechtshof Den Haag · 08-09-2026 · zaaknummer 200.345.459/01
Inhoudsindicatie
Appellant en geïntimeerde hebben beiden borg gestaan voor een kredietfaciliteit ter financiering van de overname van een accountantskantoor. Dit kantoor is failliet gegaan. De bank heeft appellant en geïntimeerde aangesproken uit hoofde van hun borgstelling onder de kredietfaciliteit. Appellant wil in deze procedure een bedrag van € 65.000 op zijn medeborg / geïntimeerde verhalen op grond van art. 7:869 BW. Volgens rechtbank en hof is de bijdrage van appellant aan het faillissement dermate zwaarwegend dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om geïntimeerde aan te spreken als medeborg.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
